Uit de Salamat Makan, recept 434 · Van het rooster

Het overgebleven sap wordt tijdens het barbecuen bij het omdraaien over de saté's gegoten. Dat staat er zo, en het is precies de goede techniek — laag op laag, in plaats van alles vooraf erover.

Voor
4 personen
Tijd
3 uur
Pittig
mild
  • 500 gram varkensvlees
  • 1 grote teen knoflook fijngehakt
  • 1 theelepel ketoembar
  • ½ theelepel djinten
  • 1 stukje trassi
  • 1 theelepel zout
  • 2 theelepels bruine basterdsuiker
  • 1 grote ui fijngesneden
  • 1 theelepel koenjit
  • ½ kopje santen
  1. Snijd het vlees in dobbelstenen.
  2. Vermeng het met de kruiden en de santen.
  3. Laat dit een paar uur intrekken.
  4. Rijg de stukjes aan pennen.
  5. Rooster ze en giet bij het omdraaien telkens wat van het overgebleven sap eroverheen.
Bij de barbecue

Bedruipen met het marinadesap doe je pas in de tweede helft van de roostertijd. Doe je het meteen, dan koelt het vlees af en gaart het stomend in plaats van roosterend. En houd er rekening mee dat santen aan de spies bruint — dat hoort, maar zwart hoort niet.

Herschreven door BBQ '79 naar de Salamat Makan, het Indonesische kookboek van de Koninklijke Marine.