Uit de Salamat Makan, recept 288 · Soep en soto · ★ aanrader in het boek

De vis wordt in vliesdunne schijfjes gesneden en een half uur gemarineerd in een papje van maïzena. Dat papje is geen binding maar een jasje — het beschermt de vis zodat hij in de hete bouillon niet uit elkaar valt.

Voor
4 personen
Tijd
45 min
Pittig
mild
  • 1 liter visbouillon
  • ½ pak diepvrieskabeljauw
  • 2 eetlepels maïzena
  • 3 sjalotten
  • 1 mespunt ve-tsin
  • 1 teentje uitgeperste knoflook
  • 1 mespunt djahé
  • 2 eetlepels sherry
  • 1 eetlepel Japanse soja
  • peper en zout
  1. Snijd de kabeljauwfilets in vliesdunne schijfjes.
  2. Maak de maïzena aan met de sherry, de soja, knoflooksap, de djahé en eventueel wat koud water.
  3. Laat de visschijfjes hier minstens een half uur in marineren.
  4. Snijd de sjalotten in zo dun mogelijke plakjes.
  5. Breng de bouillon aan de kook, voeg de sjalotten toe en onder goed roeren de stukjes vis met de aanhangende marinade.
  6. Laat de soep nog drie minuten doorkoken.
  7. Maak af met peper, ve-tsin en eventueel nog wat zout.
Bij de barbecue

Vliesdunne kabeljauw in een hete bouillon gaart in seconden. Snijd hem echt dun en doe hem er op het allerlaatst bij, met het vuur al uit. Alles wat langer duurt levert draadjes op.

Herschreven door BBQ '79 naar de Salamat Makan, het Indonesische kookboek van de Koninklijke Marine.