Uit de Salamat Makan, recept 225 · Erbij

De lombok gaat er in twee keer in — de helft mee met de vis, de rest pas aan het eind met de santen. Zo krijg je zowel de doorgekookte als de frisse scherpte in één gerecht.

Voor
6 personen
Tijd
45 min
Pittig
pittig
  • 2 gezouten vissen
  • 2 maïskolven of 1 blik maïs
  • 1 aubergine
  • 3 lomboks
  • 100 gram petehbonen
  • 100 gram garnalen
  • 1 fijngesneden ui
  • 2 teentjes knoflook fijngehakt
  • 4 kemiries
  • 4 eetlepels asemwater
  • ¼ blok santen
  • zout
  1. Maak de vis schoon en snijd hem in repen.
  2. Kook de aubergine en zo nodig de maïskolven met de petehbonen gaar.
  3. Voeg de uien, de knoflook en de kemiries toe.
  4. Meng de helft van de gesneden lomboks, de vis en het asemwater erdoor.
  5. Laat dit even doorkoken.
  6. Voeg dan de santen, de garnalen en de rest van de lombok toe.
Bij de barbecue

Gezouten vis met maïs en petehbonen. Zout, scherp en zoet tegelijk. Peteh blijft hangen; een fris, koud bier is hier geen luxe.

Herschreven door BBQ '79 naar de Salamat Makan, het Indonesische kookboek van de Koninklijke Marine.