Uit de Salamat Makan, recept 689 · Erbij

De ui, sambal, citroen en suiker koken in tot een stroperige massa, en daar haal je de gebakken reepjes voorzichtig doorheen tot ze rondom bedekt zijn. Daarna afkoelen op een koud bord — warm zouden ze aan elkaar plakken.

Voor
4 personen
Tijd
35 min
Pittig
pittig
  • 1 plak tempé
  • 4 eetlepels olie
  • 1 grote gesnipperde ui
  • 6 gehakte teentjes knoflook
  • 1 eetlepel sambal oelek
  • 2 eetlepels citroensap
  • 2 eetlepels Javaanse suiker
  • zout
  1. Snijd de tempeh eerst in dunne plakken en dan in vingerbrede repen.
  2. Bak ze goudbruin en knapperig in hete olie en laat ze uitlekken op keukenpapier.
  3. Bak in de resterende olie, minstens een eetlepel, de ui glazig en voeg de knoflook toe.
  4. Laat de ui onder voortdurend omscheppen goudbruin worden.
  5. Roer de sambal erdoor en voeg na dertig seconden het citroensap, de suiker en een kwart theelepel zout toe.
  6. Laat zachtjes doorkoken tot je een stroperige massa hebt.
  7. Schep de repen tempeh er voorzichtig door tot ze aan alle kanten bedekt zijn.
  8. Schep de massa op een groot koud bord en laat het afkoelen.
Uit de kombuis

Geef dit gerecht bij uitgebreide maaltijden.

Bij de barbecue

Knapperige tempeh in een stroperige zoetzure massa is in feite een glaze op tempeh. Rooster de reepjes eerst kort boven de kolen in plaats van ze te bakken, dan heb je er een rookje bij.

Herschreven door BBQ '79 naar de Salamat Makan, het Indonesische kookboek van de Koninklijke Marine.