Uit de Salamat Makan, recept 403 · Uit de kombuis

De puree moet volkomen koud zijn voordat hij op de vulling gaat. Dat staat er niet voor niets — warme puree zakt in het gehakt weg en dan krijg je nooit die goudbruine korst waar het om gaat.

Voor
4 personen
Tijd
60 min
Pittig
mild
  • 250 gram mager gehakt
  • 500 gram gekookte aardappelen
  • 1 losgeroerd ei
  • 2 hardgekookte eieren
  • 2 middelgrote preien
  • 2 eetlepels olie
  • 6 eetlepels doperwten
  • 6 eetlepels wortels
  • 2 eetlepels selderij
  • 45 gram boter
  • zout
  • peper uit de molen
  • gemalen nootmuskaat
  • 1 mespunt suiker
  1. Maak van de nog warme aardappelen een puree en voeg een losgeroerd ei, de helft van de boter, wat zout, peper, suiker en een vleug nootmuskaat toe.
  2. Laat de puree volkomen koud worden.
  3. Snijd de hardgekookte eieren in plakjes.
  4. Maak de preien schoon. Gebruik het witte en lichtgroene deel, snijd de stokken in de lengte door en daarna in smalle reepjes.
  5. Verhit de olie of margarine en bak het gehakt onder voortdurend omscheppen tot het lichtbruin en kruimig is.
  6. Voeg de prei, de doperwten en de reepjes wortel toe en bak alles nog vier tot zes minuten zachtjes onder omscheppen.
  7. Strooi de fijngehakte selderij of korianderblaadjes erover en breng op smaak met zout, suiker en peper.
  8. Doe de inhoud van de pan in een met boter bestreken ovenvaste schaal.
  9. Leg de plakjes ei erop en dek alles af met een laag aardappelpuree.
  10. Bestrijk de puree met wat zachtgeroerde boter.
  11. Bak in een voorverwarmde oven van 250 graden in twintig tot vijfentwintig minuten goudbruin.
Bij de barbecue

Een jachtschotel met aardappelpuree erop vraagt om bovenwarmte, en daar is een kamado met gesloten deksel goed in. Indirect op 180 graden tot de puree kleurt.

Herschreven door BBQ '79 naar de Salamat Makan, het Indonesische kookboek van de Koninklijke Marine.