Uit de Salamat Makan, recept 325 · Uit de kombuis

De heetste van de rempah-familie, en de enige met een saus erbij. De balletjes worden na het sudderen uit de pan gehaald zodat het vocht kan binden — anders vallen ze uit elkaar tijdens het roeren.

Voor
5 personen
Tijd
45 min
Pittig
heet
  • 500 gram gehakt (hoh)
  • 5 eetlepels paneermeel
  • ¼ liter sterke bouillon
  • 1 ei losgeklopt
  • 1 ½ eetlepel sambal oelek
  • 1 theelepel djahé
  • 3 eetlepels bloem
  • 2 theelepels aardappelmeel
  • zout en nootmuskaat
  1. Meng het gehakt met het ei, de sambal, zout, de djahé, vier eetlepels bouillon en het paneermeel.
  2. Maak er balletjes van en rol ze door wat bloem.
  3. Bak ze goudbruin in hete olie.
  4. Giet er twee kopjes water bij en laat ongeveer tien minuten doorsudderen.
  5. Haal de balletjes eruit en bind het overgebleven vocht met wat aardappelmeel, van tevoren aangemengd met wat bouillon.
  6. Giet wat saus over de balletjes en strooi er selderij over.
Uit de kombuis

Serveer bij witte rijst, macaroni of bami. Ook bij de borrel niet te versmaden.

Bij de barbecue

Zeer pikant met een gebonden saus. Zet dit apart neer met een lepeltje erbij; niet iedereen aan tafel wil dit, en dat is prima.

Herschreven door BBQ '79 naar de Salamat Makan, het Indonesische kookboek van de Koninklijke Marine.